Patrijzen vallen goed op in de sneeuw

Patrijzen zijn nu goed te zien in de sneeuw.  Dat is goed nieuws voor de patrijzentellers, maar de patrijzen zelf daarentegen hebben het erg zwaar. Door het sneeuwdek hebben de patrijzen moeite om aan voldoende voedsel, zoals blaadjes, kruiden en zaden, te komen.

In de winter leven patrijzen in groepsverband: de klucht. Een klucht bestaat uit één of meer ouderparen met jongen. In het Duivense Broek (ten noorden van Duiven en Zevenaar) zijn deze winter al 6 kluchten gespot, waaronder een groep van minstens 15 patrijzen. Ze zitten in dit gebied ook veel op de boerenerven bij de ruwvoerkuil. Daar vinden ze voedsel. In het land van Maas en Waal zijn al meerdere kluchten gezien. Bij een rondje door gemeente Wijchen zijn door een vrijwilliger op één middag 98 patrijzen, in verschillende groepen geteld. De grootste groep telde 21 patrijzen.

Foto: J Houkes

Focusgebieden

Patrijzen blijven het hele jaar door in hetzelfde gebied. Een goede leefomgeving bevat dan ook alles wat een patrijs nodig heeft: nestgelegenheid, dekking en jaarrond voldoende voedsel. Voor het Rivierenland zijn in totaal 6 focusgebieden voor de patrijs aangewezen. In de focusgebieden willen we de leefomgeving voor de patrijs graag verder verbeteren.

Een gunstig leefgebied zijn landbouwgebieden met een verscheidenheid aan gewassen en veel lijnvormige landschapselementen zoals kruidenrijke bermen, akkerranden, houtwallen, hagen en overhoekjes. Belangrijk voor de patrijs is dat gedurende het hele jaar maatregelen worden getroffen zoals winterstoppels, keverbanken, bloemenblokken, wintervoeding, patrijzenhagen en insectenrijk grasland.

Patrijzen tellingen starten eind februari

Foto: J. Houkes

In het Rivierengebied zijn verschillende vrijwilligersgroepen actief om tellingen uit te voeren. Deze tellingen leveren waardevolle informatie op. Zo weten we straks hoe het met de ontwikkeling en verspreiding van de patrijs gaat in de gebieden.

In de winterperiode zijn er tellingen om de grootte van patrijzenfamilies (kluchten) te bepalen. Door deze door de jaren heen te vergelijken, krijgen we goed inzicht in het verloop in aantallen. In de sneeuw zijn de kluchten goed te zien. Maar het is heel belangrijk om de patrijzen bij het tellen niet te verstoren. Het beste is om alleen vanaf de weg te observeren.

De patrijzentellers starten eind februari met de voorjaarstelling. Vanaf eind februari t/m april voeren we in elk focusgebied een aantal telrondes uit om een beeld te krijgen waar de patrijzen zitten. Dan volgen in september nog de najaarstellingen. Deze telronde is interessant om te kunnen bepalen hoeveel kuikens het broedseizoen overleefd hebben.

Patrijzen in de directe omgeving

Als u als bewoner van het Rivierengebied patrijzen spot, kunt u dit aan ons doorgeven. Hoe meer gegevens we hebben over de patrijzen, hoe beter we ze kunnen helpen!